anaal liep ik over straat. de zon scheen mij bruinig tegemoet. de zonnestralen druppelden in lange slierten van de ramen. heel gek.
vanmorgen was ik opgestaan met een loeiende hoofdpijn en ik voelde me eg helemáál niet lekkah. heel gek. nouja, eigenlijk niet, want de dag ervoor was ik echt los gegaan op die beat.
ik heb verstand van tyfus. of, zoals je dat in het engels noemt, typhoid fever. mijn oma heeft herpes, maar ik niet. ik heb gewoon aids. als je ook aids hebt, geef me dan een belletje op 0900-zuigmijnbolus.
laatst wilde mijn vriendin mijn bolus zuigen. ik zei nee! nee! maar voordat ik het wist pakte ze er een enorme zuignap bij, en plantte hem rondom mijn tepel.
mijn rechtertepel is niet even groot als mijn linkertepel (kleiner) en ik loop dientengevolge scheef over straat.
scheef en anaal liep ik over straat. de maan gloeide heftig vibrerend mijn liezen in, niet onprettig. mijn moeder belde op. of ik worst lust. nou, zei ik, ik heb wel een rookworst voor je imme spijkerbroekkie! hehe. hehehe. geile slet. hehe.
ik liep over straat en ik struikelde, zodat mijn neus in de stront belandde. getverdemme, gelukkig bood een of ander wijf mij meteen een zakdoekje aan. of ik ook aan poepseks deed. nee. natuurlijk niet. dat zei ik. maar tegelijkertijd dacht ik: penetreer mijn vochtige, zompige moerasaars..
24-10-2008
pornosterrenhoofdjes
11-10-2008
Het Frerikstafereel
Hier volgt nu het eerste hoofdstuk van het waargebeurde, kort samengevatte reisverhaal van Carl Piccadilly. "Op weg naar Lourdes met de trein en andere middelen van beweging" dat in vijftien delen zal verschijnen op zijn eigen blog http://opwegnaarlourdes.blogspot.com/:
Toen ik vanmorgen de trein van tien voor heel betrad, vanaf het onlangs gerenoveerde Den Haag Centraal, was er nog vrij weinig aan de hand.Ik had weliswaar een ongelooflijke kramp aan mijn hiel, maar ik besteedde hier weinig aandacht aan omdat dergelijke dingen nou eenmaal wel eens gebeuren. Ik was de trein in gestapt en doorgelopen naar een rustige coupé. Anti-sociaal als ik ben houd ik niet van mensen om mij heen. Ik ging op een plekje achteraf zitten en liet mijn hoofd tegen de rugleuning rusten. Ook keek ik uit het raam. Nog steeds gebeurde er niets bijzonders en ik dacht net dat het misschien een rustige dag zou worden toen de treinconducteur galmend het woord nam.
"Beste dames" riep hij met overslaande stem, "we komen zodadelijk aan op Leiden Centraal."
Ik merkte dat de weinige mensen die deze coupé met mij deelden lichtelijk onrustig begonnen te worden. Dit maakte ik op uit het onrustige geroezemoes dat de ruimte nu vulde. De conducteur ging verder en waarlijk, het leek of er een lichte snik van tragiek in zijn stem verborgen lag.
"Na een korte stop zal deze trein verder rezen als intercity naar Amsterdam Centraal."
Ik sloot mijn ogen en zuchtte diep. Ergens hoorde ik een meisje huilen. De conducteur was nog steeds niet klaar en zijn stem begon in kracht toe te nemen en het was duidelijk dat hij zijn vibrerende toon probeerde te stabiliseren door het veelvuldig interumperend ademhalen dat hij tijdens zijn volgende zin beoefende.
"Reizigers voor de richting Leeuwarden, Groningen en Middelburg worden verzocht hier uit te stappen."
Het was alsof er een bom ontplofte. De ruimte vulde zich met geraaskal. Ergens stond een man op en brulde met gepassioneerde stem: "Waar is het toilet? Waar is het toilet verdomme! Ik moet poepen!"
Een andere man was zelfs op zijn stoel gaan staan en leek een willekeurige opvolging van woorden en zinnen uit te braken: "Kijk mij eens op een stoel staan" riep hij, en: "Ik heb hoogtevrees!"
Mijn aandacht werd afgeleid door twee dames van middelbare leeftijd die één bank voor mij naast elkaar hun stembanden als twee hanen tegen elkaar op probeerde te jutten.
"Ik duik meteen mijn bed in als ik straks thuis ben" zei de een fel.
"Ja het was een drukke dag" bracht de ander daar tegenin.
"Mijn Frank moet vandaag de hond maar uitlaten, want dat trek ik echt niet meer" zo sprak de een nu met stemverheffing.
"Ach gut, die arme man" gierde de ander nu boven alle tumult uit. En vervolgens begonnen ze vervreemdend te lachen. De stemmen in de trein leken tegen elkander aan te botsen en met echo's van afschrikwekkend formaat de muren los te trillen van de fundamenten die over de rails sjeesden als hellehonden. Het geluid pakte zich samen tegen het plafond van de coupé alwaar het nu kleur begon te kiezen en als een chemische gelige wolk langzaam naar beneden begon te zweven met het oneerbaar doel alle aanwezigen in hun slaap te verrassen.
Op dat moment stopte de trein abrupt en ik vloog van mijn stoel tegen de bank van de vrouwen voor mij die dit niet eens leken te merken. Snel stond ik op en pakte mijn jas. Dat was althans de bedoeling; hij was kwijt. Ik had hem net nog aangehad en nu was hij kwijt! Ik had hem niet eens uitgedaan en toen op mijn stoel gelegd maar hoe ik ook keek hij lag er niet. Ik vloekte geniepig en keek in het rond. Daar zag ik een bontmantel aan een vrouw hangen. Ik pakte haar op van haar stoel en bracht haar als een sjaal om mijn nek om geen kou te vatten.
Haastig verliet ik de trein om tien over heel. Mist teisterde het station in centraal Leiden. Ik zag geen hand voor ogen maar rende niettemin weg van dit mobiele rovershol. Weg van dit oerhollandse gebruik. Weg van deze stampot met rookworst en jus. Weg van dit restaurant voor goedkope toeristen. Weg van deze reusachtige klomp met delftsblauwe tinten. Weg van deze verlaten molen vol spoken en geesten. Weg van dit afgelegen huis op een heuvel van drijfzand. Weg van deze woonkamer vol spinrag en termietenheuvels. Weg van deze misselijkmakende insectenwereld. Weg uit deze dierentuin voor beginners. Weg uit deze wijk vol buitenlanders. Weg van dit postkoloniale dilemma. Weg voor de onvermijdelijke schaduw van de slavernij. Weg voor die negers. Hemel het werd al donker!
04-10-2008
Hear Tale Signs
Het Arameense firmament laaide 's nachts op als een bonte verzameling kermislichtjes.
Al jaren was dat een ergernis die met regelmaat leidde tot ingeschreven stukken in de Arameense Staatscourant.
"Elke nacht moet ik mijn ramen blinderen met de meest uitgebreide zorg", wanhoopte de een. "Nooit kan ik een stap buiten de deur zetten, of zelfs maar door een kier naar buiten gluren, zonder dat ik overspoeld raak met kitscherig kermislicht", zeurde de ander.
"Het is een verkrachting van je netvlies, het is een harde straal braaksel in je ogen, het is wild homo-erotisch", dat schreven ze ook, maar dat soort berichten werd niet geplaatst in de Staatscourant.
Tourisme werd een belangrijke inkomensbron, en ook de illegale circuits draaiden op volle toeren; de kinderen die er opgroeiden, herinnerden zich hun jeugd als een blije, kleurrijke kindertekening. Maar de rest vervloekte het hemellicht iedere avond grondig, en langzaam aan ontvolkte de streek waar het flikkerend gekleurde neonlicht de bevolking nacht op nacht uit zijn slaap hield.
En de Staatscourant ging failliet.
21-09-2008
ach wat leuk
het niemendalletje loopt over straat. zijn vingerige handen steken diep in zijn zakken en zijn kraag staat hoog opgeslagen. vaders stoten hun zoontjes stiekem aan. 'kijk, een niemandalletje! dat zie je ook niet vaak!' fluisteren ze. de zoontjes knikken en glimlachen. zij hebben er al wel eens eentje gezien op internet, maar in het echt is toch anders.
dan komt hij een vriend tegen. 'he gabber!', kwakkelt het niemendalletje, 'alles kits met je wijf en kids? ga je mee een broodje frikandel bloedbad halen bij Snekjan? fiftyfifty gewoon?'. maar de vriend negeert hem zo keihard, dat het niemendalletje ervan tegen de vlakte slaat. gelukkig is er een oud omaatje om hem overeind te helpen, want in zijn eentje was dat moeilijk geworden. dat komt natuurlijk door die specifieke traliebouw, die het niemendalletje eigen is! met slurpende stem roept hij BEDANKT maar het mensje hoort hem niet: ze luistert snoeiharde miles door haar enorme headset, die aan alle kanten rood en oranje flikkert op de maat van de beat.*
maar goed. wat niemand weet is dat het niemendalletje voordat hij de straat opging een viagrapil gepopt heeft. het heeft een buitengewoon raar effect op zijn gestel - uit zijn mouwen schieten constant wc-papiertjes en nu krimpt zijn mond in tot een klein zwartomlijnd puntje, zodat hij, eenmaal bij Snekjan, zijn broodje met woeste gebaren moet bestellen. ze kijken daar overigens niet raar van op. met al dat bajesvolk zijn ze wel vreemder gewend; bovendien is het meneer zijn vaste bestelling. het niemendalletje steekt het kleffe, ranzige broodje voorlopig in zijn broekzak, want eten wil even niet natuurlijk, en slentert richting amsterdam-zuid. de lantarenpalen waar hij langsloopt buigen door hun steeltjes en schieten dan weer -plonk!- terug in de houding, waardoor hij veel bekijks heeft onder de vrouwelijke straatpopulatie (de mannetjes zijn niet onder de indruk, die hebben het te druk met het strelen van hun eigen egootje. kijk, daar heeft er zelfs eentje een egootje - nou, zeg maar gerust ego - van twee meter tachtig! god, daar ben je mooi klaar mee, stel je voor. vergeet het maar je nachtrust.). en toen
*
17-08-2008
02-08-2008
dugheart blues
- pauze -
snel! terug naar het aanrecht! denkt de vrouw met het schort opgespannen tot haar harige oksels. ze trekt haar reetveter op als een voetbaltrofee en snelt de trap af, beide handen ritmisch op de leuning meppend.
over de rottende rivieren van rotterdam varen duizenden skeletschepen volgens een vast schema heen en weer. ik geloof dat ze kaviaar aanvoeren, en in elk geval olijfolie - eerste persing premium, echte luxe de luxe - waarmee ze als hun gewicht in dollars binnenslepen.
hij zet de tv aan en zingt de tweede stem mee. alles ruikt naar ei en parfum. maar al te graag laat hij zich vallen op de bank, maar als je eenmaal ligt moet je weer opstaan - wat een moeite! liever liggen dan maar. liggen tot betere dagen vanzelf onder de gesloten deur door druppelen. ze komen heus wel! en desnoods langs de shop voor een blootje.
stiekem denk ik wel eens, sommige van de dagen dat ik op tijd wakker word, dat een butler aan mijn deur klopte. "meneer", zegt hij, 'U bent de rechtmatig opvolger van hare majestestesteit de koningin, wilt u even meekomen naar dat paleis ergens middenin het haagsche bos?'
zachtjes dwingt hij mij uit bed, kamt mijn haar en sleept mij een endje mee, zodat ik uiteindelijk fris en uitgerust doch enigszins bevreemd arriveer op mijn plaats bestemming. wel kan ik met gerust hart beweren dat ik altijd al aangevoeld heb op zijn minst van adel te zijn. men ouvreert de deur uitermate deftig voor mijn persoon, waarbij geöliede hengsels soepel om hun as manouvreren (daarbij weinig tot geen gerucht producerend). de pers vraagt mij wie ik ben. ik kaats keurig terug en men ontvangt nul op rekest.
ik ontmoet mijn rechtmatig moeder handkussend. zij verhaalt van een romantische escapade - inderdaad een jaar of éénentwintig in het verschiet - waarbij er sprake was van buitengewoon harde gemeenschap. zij kleurt rood in haar façade. daarna overhandigt zij mij beheerst haar gulden kroon en vraagt mij vergiffenis, die ik haar verleen - de gebeurtenis bekrachtigend met een fles buitengewoon expensieve port.
nu regeer ik de nederlanden daadwerkelijk, rechtlijning en eensgezind.
15-07-2008
artificial boobs are gay (wie voelt ruikt onkruid)
regen slaat roundabout mary in het gezicht. ze loopt de dikke verlaten winkelstraat door, maar een rechte lijn is het niet. heen en weer, één voor één kust ze de winkelruiten met haar heupen. ze kussen terug - iedereen houdt van haar - en weerspiegelen haar wijfelend. dan verdwijnt ze plots in een zijstraatje dat daarvoor nauwelijks bestond. weg.
kartonnen dozen vol wijn en sigaretten wachten achter het poortgebouw. johnny cash heeft een sleutel om zijn nek hangen en vraagt: you on your way down? je knikt. hij begint te dansen als een vrouw van middelbare leeftijd die véél te veel wijntjes op heeft. op de achtergrond dansen blondines met een vijandige blik mee op zijn ritme, giechelend als schoolmeisjes van veertien. onzeker van je zaak huppeldans je een tijdje mee. eigenlijk heb je maar één move. dan duik je tussen cash's dijen door.
eenmaal binnen bestaan de muren uit boksen, die pompend hun muziek naar buiten laten stromen. de grond deinst mee. vanuit alle gaten en hoeken vloeien de gebakken kippetjes af en aan. geld bestaat niet maar dollarbiljetten vouwen zo lekker, dus iedereen heeft een stapel in zijn zak en een oneindige voorraad verstopt op geheime plaatsen- denk aan kalkgrotten, open haarden met een geheim deurtje, enorme combinatiesloten met intieme cijfercombinaties. nachtclubs; neonlichten; pinkringen; kraakpanden; babylon revisited;
je stalt je harem uit op een pleintje. 'iedereen met een roze slipje' commandeer je op gebiedende wijs. drie stappen er naar voren, vier, vijf; de rest druipt af met de tambourijn tussen de benen geklemd. de knip in de vingers (stylish). alright. het beest in je roert zich en ruikt de oppervlakte. de perfecte schuimkraag op je biertje, de roze slipjes nu duidelijk op je netvlies, mary jane knipoogt sluiks en kijkt verlegen naar haar gelakte, op en top verzorgde tenen. alles wat in je zit wil naar buiten barsten maar daarvoor is het nog lang geen tijd, met een avond vol spanning en avontuur in het vooruitzicht.
spanning en avontuur: een boogschutter gallopeert op zijn trotse, zwarte paard met ongekamde manen zonder zadel door de inktzwarte nacht. bomen schieten aan weerszijde van zijn vlijmscherpe pijlpunten voorbij, en de paden die zij betreden zijn van hen alleen. on the horizon doemt het silhouet van een grim kasteel op, indrukwekkend, angstaanjagend, massief, te hoog voor mensenhanden, te grijs. in één van de vier torens ongewtijfeld een maagdelijke schone met blonde krullen, met poetische aspiraties - haar output minstens vier liefdesbrieven per dag -, in de rest van de torens een gros stoere schildwachten, zakken vol goud, wandtapijten kroonluchters, een dozijn hemelbedden en een feodaal heerschap met gekromde armen, verblind door hebzucht maar geslepen als een vos.
erica jones slaapt rustig terwijl haar keel op het punt staat doorkliefd te worden met een broodmes. niemand beweegt zich meer in zijn slaap dan zij. een pijl slaat in het hout van het raamkozijn met een TOK van jewelste. haar juwelen bedekkend spiekt ze naar buiten, adrenaline vloeit door haar bejaarde aderen als zand uit een gebroken zandloper van glas - als plotseling van achter een enorme hond haar bespringt, zijn klauwen uitgesperd, zijn kwijlende hoektanden klaar om haar halsslagader open te scheuren. het bloed vloeit met liters terwijl ze zachtjes ijlt om hulp, één één twéé.., één één twéé.., één één twéé..
06-07-2008
twee hoeren van zware zetels (made you cry?)
hoooo dessahaaaa dessamet je hoofd als een drol en je vogels in je volière en je moeder is sex en je paard dat ik, als die meeat, tja.
truffel heef niets meer iets te zeggen, want als ik mocht kiezen voor een plan dan waren het drie heggen
oegie
de naam van mijn grootvader zaliger: WC.
ik was boos. vreselijk boos en bovendien bang. voor haar moeder. vooral voor haar moeder - haar vader kon mij nog wel uitstaan, het was vooral die moeder. die snol, die hoer, die heks; wat een feeks; een rasrechte king-mongool, een baviaan, een neanderthaler in de omgang, een bordenwasser, ze hield van anale seks in standje C.
en zo verzonk ik in gepeins langs een wachttoren van drie akkoorden. oh mijn hoofd, ik moet even liggen schreeuwde ik. niemand reageerde.
OH MIJN HEMEL dacht ik BEN IK HIER HELEMAAL IN MIJN POEPIE EENTJE of hoe zit dat? nee hoor, niemand nam de moeite even terug te schreeuwen. ik werd er opgewonden van. en opnieuw bevond ik mij tussen licht en duisterheid, respect afdwingend met een konijntje uit mijn hoge hoed. daar was de wachter niet blij mee. omdat, zei hij, ik last heb van mijn innerlijke VAIP hehe. sorry pardon. excusezmwah
MWAH. kutfransoosjes met hun roze billetjes en dozen vol baggerwijn geïmporteerd vanuit het verre zuiden zonder reden dat wil zeggen, ik was natuurlijk wel jong en onervaren desalnietteminemundo ik houd van de taal en ik aanbid deze ware het de bijbel zelve.
ja mijn trots kende geen grenzen tien jaar geleden op die woensdagmiddag. de grote omslag was oh, oh, een snoetig snabbeltje van gesoleerde kraambewegingen - mierenneuken lijkt mij een fijne bezigheid. het bezorgt de echte man tenminste een uitdaging waarmee ik maar wil zeggen
DAT/DEZE/MIJN EIGEN EGOCENTRISCHE KNUFFELNEIGINGEN
alles is relatief en mijn hoofd bonkt op jouw bank als één serieus vrachtje maïskolven. niet twee.
met vriendelijke kotsneiging,
PIETERNEL EN HAAR BLAUWE PENISKOKERES
P.S.: snuivende nichten zijn nooit de moeite waard. lees Icarus er maar op na GODVERDOMME pijpfuckingslethoer met je hoofd in een rioolpijp en je snor ongekamd als een heksenjacht op the fourth of july (zondag) amen.
P.P.S.: serieus dude, je hoofd is om te janken en je tranen zijn goud waard
29-06-2008
disclaimer
het was sunset. ze zaten op een heuveltje in de duinen met zijn tweeën, een fles goedkope rode wijn halfleeg rolde over de grond, ze zaten op zijn jas (verdomme) met hun armen in elkaars nek. de grote gloeiende lichtbron danste al een tijdje sereen op de kleine golfjes. een klein briesje liet hun haar wapperen als modellen op de catwalk. niemand had last van zenuwen of zweethanden. in deze kleren voelden ze zich het lekkerst. aan dit parfum hadden ze de beste herinneringen. er was geen eindtijd vastgesteld. niemand had honger.
'hoeveel peniskokers heeft een man nodig?' zei hij kinky.
'wat?! ' riep ze, opgeschrokken uit haar roes.
'hoeveel peniskokers heeft een m..' herhaalde hij. 'laat maar.' maar hij dacht: 'oeps.'
'godverdomme teringlijer, dat doe jij nou altijd. zitten we net lekker op het strand te chillen, kom jij met je 'laat maar'. ik word gek van dat gelaatmaar. ik kokhals ervan. je zoekt het maar uit. ik ga nu opstaan en daarna trek ik mijn sjaal aan en knoop ik mijn jas dicht en dan schroef ik de wijn dicht met die handige schroefdop en daarna strik mijn veters nog een keertje, want die zitten een beetje los. hierna pak ik mijn tasje en zal ik beginnen te huilen alvorens u een flinke mep in de face te verkopen. ik ren naar huis en kom mijn moeder tegen. ik leg alles uit en zij zal zeggen: 'geen nood meis kom maar zitten, ik maak lekkere warme chocolademelk met slagroom en een rietje. ik kom tegenover je zitten en voetjevrij met je tot je niet meer nadenken kan.' hierna volgt alweer een uitgebreide expliciete lesbische scène met mijn mamá. het is elke keer hetzelfde liedje. ik word gek van de sleur.'
'sleur rijmt op etteleur' pruttelde hij er nog zwak tegenin.
14-06-2008
whisky en een orkest part II
iedereen slaat met sambaballen en dans de rumba naast zeemeerminnen in het geel en iedereen haalt nog één keer adem voor de laatste brul van de avond:
'misschien is het tijd om deel twee van het verhaal te lezen. lekker cognacje erbij. pindachips. strak tshirtje. houten brulkikker. oranje plakbandjes. kip-pesto-broodjes. lekker vol buikje.'

